Geen rode druif is in Spanje belangrijker dan tempranillo, en in elk gebied laat hij een heel ander karakter zien. Rioja levert een elegante, kruidige versie en Ribera del Duero een krachtige, donkere; in Toro, waar de lokale naam tinta de toro luidt, wordt hij zelfs bijna wild, met veel tannine. Op de plank vindt u twee van die gezichten: Aradón in Rioja en Bodegas Viyuela in Ribera del Duero.
Hoe smaakt tempranillo?
Kers, aardbei, tabak en leer, na houtrijping aangevuld met vanille en zoete kruiden. In Rioja middelgewicht met zachte tannines; in Ribera del Duero voller, met blauw fruit en meer structuur; in Toro dieppaars en tanninerijk. De druif rijpt uitstekend op Amerikaans en Frans eikenhout.
Wat schenkt u erbij?
De klassieke Rioja-match is gebraden lam. Een Ribera-tempranillo trekt de intensiteit van gestoofd rundvlees moeiteloos, en bij een klassieke Spaanse tafel met oude manchego en jamón ibérico staat tempranillo pal.
Waarin verschillen Rioja, Ribera del Duero en Toro van elkaar?
Dezelfde druif, drie karakters: Rioja elegant en klassiek gerijpt, Ribera hoger en koeler met donkerder wijn, Toro nog krachtiger.
Wat betekenen crianza, reserva en gran reserva?
Officiële rijpingscategorieën: crianza minstens twee jaar (waarvan één op vat), reserva drie jaar, gran reserva vijf jaar, alleen in topjaren.